| IN DE HEMEL HEERST EEN GEEST VAN SAMENWERKING | |
|
Share In het grote gezin in de hemel, bezit een ieder zijn eigen individuele persoonlijkheid, ieder bezit vrijheid, maar niemand misbruikt die vrijheid om onafhankelijk te handelen, want allen zijn één door de banden van nederigheid jegens zichzelf en liefde jegens de ander. Gelijk de bij de honing haalt en het stuifmeel achterlaat, zo is het in de hemel, een ieder ontvangt om te geven – een ieder werkt ten behoeve van de ander. Daarom heerst er een volmaakte harmonie, toch bewaart een ieder zijn eigen identiteit, persoonlijkheid en funktie. Zelfs God handelt niet onafhankelijk. In feite zouden wij kunnen zeggen God in het bijzonder handelt niet zonder de medewerking op van degenen die Hij schiep. Denk aan de schepping van Adam. Zodra hij geschapen was, zette God hem aan het werk om Hem te assisteren. Hij vroeg Hem de dieren een naam te geven. Genesis: 2:19. Hoeveel eenvoudiger zou het zijn geweest voor God als Hij de dieren zonder de hulp van Adam een naam had gegeven. Toen Adam geschapen was programmeerde God zijn verstand met woorden en taal – maar Hij sprak opzettelijk niet over zijn woordenschat van namen voor dieren opdat Adam, voor zover mogelijk met Hem kon samenwerken in het werk dat hij deed. De Bijbel zegt: “Want wij zijn Gods mederwerkers.” 1 Korinthe 3:9. Toen ging God nog veel verder dan Adam de dieren een naam te laten geven. Hij vertelde Adam en Eva dat zij en hun nakomelingen het werk zouden voortzetten dat God begonnen was in het bevolken van de aarde. En opnieuw, hoe veel eenvoudiger zou het voor God zijn geweest in korte tijd voldoende mensen te scheppen en vanaf het begin de aarde te bevolken – en zij zouden allen volmaakt zijn geweest. Niemand zou uit zondige ouders worden geboren. Welk een groot risico nam God, en hoe armzalig hebben de meeste mensen gehandeld in de voortzetting van het scheppingswerk van God door de wijze waarop zij hun kinderen hebben opgevoed. Maar ondanks dit falen, heeft God het menselijk gezin de verantwoordelijkheid niet ontnomen. God leidt liever verlies dan zonder onze medewerking te handelen. God heeft meer dan enig ander wezen gedaan om met ons samen te werken, noemende ons ‘koningen en priesters’(Openbaring 1:6) inplaats van allen en zelfstandig te handelen. Gelijk het was op aarde, was het ook in de hemel met de engelen. God schiep geen hiërarchie of een dictatorschap, maar een gezin. Daardoor kon strijd in de hemel ontstaan. Toen Satan in opstand kwam, had God slechts één woord hoeven te spreken en Satan zou uitgesloten zijn uit de hemelse gemeenschap. Maar God deed dat niet, want de engelen waren Zijn medewerkers en zelfs in deze crisis-situatie nam Hij niet de teugel in eigen handen, maar stond de engelen toe voor zover mogelijk, over de kwestie te beslissen. Openbaring 12:7 Het schijnt dat zelfs na de strijd Satan toegestaan werd terug te komen om de aarde in de hemelse raden te vertegenwoordigen. In het boek Job toont God de trouw aan van Job en betwistte Satans eis de aarde te vertegenwoordigen. Satan vertegenwoordigde niet alle bewoners van de aarde, maar kennelijk stonden de engelen hem toe te blijven. Maar die tolerantie eindigde aan het kruis. Ik heb vaak nagedacht over het verslag van Ellen White waarin zij zegt dat haar getoond werd dat, “Al de engelen, die opdracht ontvangen om naar de aarde te gaan, een gouden kaart hebben die zij bij het in- en uitgaan aan de engelen bij de poorten van de stad tonen. ‘-Eerste Geschriften pag. 34. Waarom moeten de engelen die de aarde bezoeken een gouden kaart tonen aan de poort? Vóór de kruisiging van Christus, stonden de engelen Satan toe om wat hij noemde officieële zaken te bespreken, (Job 1 Voortaan werd zijn werk beperkt. Wat hij ook doen zou, nooit meer zou hij de engelen als zij uit de hemelse hoven kwamen kunnen opwachten om Christus’ broeders aan te klagen dat zij gekleed waren met bevlekte klederen en verdorvenheid van de zonde. De laatste schakel tussen Satan en de hemelse wereld was verbroken. – Wens pag. 637. Bijgevolg besloten de engelen dat Satan niet langer de hemel kon bezoeken als vertegenwoordiger van de aarde. Jezus zou voortaan de enige vertegenwoordiger van deze aarde. Jezus zou voortaan de enige vertegenwoordiger van deze planeet zijn. Maar hoe konden zij hem buiten houden? Kennelijk besloten zij gouden identiteitskaarten uit te reiken aan allen die toegstaan werd de aarde te bezoeken, die kaarten moesten zij bij het in- en uitgaan tonen. De hemel is een zeer reëele plaats en de engelen zijn veel nauwer betrokken bij de doorvoering van regeringszaken dan velen zich realiseren. De hemel wordt niet geleid gelijk een communistische hiërarchie of gelijk de totalitaire regering van Satan, maar is een liefdevol gezin, waarin ieder meewerkt, elk met stemrecht en elk met een volledig geloof in de wijsheid van God. Nu is er een oordeel gaande in de hemel. En waarom een oordeel? Heeft God een oordeel nodig? Natuurlijk niet! Hij wist vanaf de grondslag der wereld wie gered zou worden en wie verloren zou gaan! (Efeze 1:4; Jesaja 46:10). De reden waarom hier een oordeel wordt geveld is omdat God geen hiërarchieke dictatorschap wilde doorvoeren. Hij heeft de hemelse wezens tot Zijn medewerkers gemaakt en om hen praktisch deel te doen hebben in het proces, moet er een oordeel plaatsvinden. Zij bezitten niet de volledige kennis die God bezit. Zij deel plaatsvinden. Zij bezitten niet de volledige kennis die God bezit. Zij moeten de verslagen bijhouden en ze inspecteren. God had in een oogwenk de eeuwige bestemming van een ieder kunnen bepalen, met volmaakte nauwgezetheid. Maar hetgeen Hij onmiddelijk zou kunnen doen vereist meer tijd als Hij de engelen daarin als medewerkers betrekt. Hij is bereid een extra prestatie te leveren om met Zijn engelen samen te werken in plaats van zonder hen. Welk een les ligt daarin voor ouders. Hoeveel gemakkelijker is het voor de ouders als de kinderen jong zijn om zelf de bedden op te maken, de afwas te doen, de maaltijden te bereiden enz. Zonder de hulp van de kleintjes. De ‘hulp’ van de kleintjes vergt meer tijd van de ouders. Het is veel eenvoudiger het kind te zeggen dat het moet gaan spelen of TV kijken terwijl zij het werk doen zonder hem. Maar dat is niet de wijze waarop God werkt. Hij zegt: “Ik vraag de samenwerking van mensen en engelen, ook al kost dit meer tijd, moeite en verdriet.” Marshal J. Grosbol |
| Populaire artikelen | |







Heeft u behoefte aan pastorale ondersteuning? 













